Het ‘mooie’ aan deze dagboeken is, dat alles tot in detail beschreven staat wat er is gebeurd met mijn opa. – Axel Nijsen

Dit interview is onderdeel van het Twijfelindo Project en Boek 2015/2016. Het boek is vorig jaar uitverkocht en de 2de druk zijn er nog een paar beschikbaar. Bestel het laatste exemplaar van de gelimiteerde oplage hier of doe een donatie aan het huidige Crowdfunding project .

Wil je zelf ook meedoen in 2019? Klik hier

(39) Beroep: Internationaal projectmanager in de IT.

Toen je over het ‘Twijfelindo-project’ hoorde wat was toen je eerste gedachte?
Ik wilde er graag aan meewerken. Dat was voor mij meteen duidelijk. Ik ben van gemengde afkomst, met Duits, Engels, Portugees en Indisch (Javaans-Sumatraans) bloed. Ik zie er echter behoorlijk Europees uit. Het Indische stukje identiteit en geschiedenis, dat natuurlijk ook een stuk Nederlandse geschiedenis is, wil ik graag bewaren voor het nageslacht. Je merkt dat het wegglijdt met elke nieuwe generatie en verder in de vergetelheid raakt.

Vragen mensen wel eens waar je vandaan komt?
Het komt wel eens voor. Het gekke is dat Nederlanders het niet herkennen. Aan mijn vrouw zien ze het wel, die is meer Indisch en heeft ook een meer Aziatisch uiterlijk. Haar roots liggen op Java en Sulawesi, rondom Manado. Bij mij valt het niet meteen op. Het is ook niet meteen een onderwerp dat je aansnijdt. Toch, als je andere Indo’s tegenkomt is dat anders. Je ziet het aan elkaar, je ‘ruikt’ het aan elkaar, het gaat snel over eten. Dan willen we graag van elkaar weten waar je ouders of grootouders vandaan komen, wat je eigen achtergrond is. Die gemeenschappelijke interesse in elkaars Indische achtergrond is er altijd wel. Bij Nederlanders is dat anders. Daar doet je afkomst er veel minder toe. Bij Nederlanders moet je het Indische ook altijd uitleggen, bij Indo’s uiteraard niet. Indisch is niet hetzelfde als Indonesisch, niet hetzelfde als Indiaas. Die verwarring is er gewoon en die zal altijd wel blijven. Als je het dan vervolgens uitlegt, vinden ze het vaak wel weer interessant.

Kun je uitleggen hoe Indisch je bent?
Mijn vader was een Nederlander. Mijn moeder was Indisch en dus gemengd. Ze is geboren in Palembang, Sumatra. Het Indische aan haar familiekant gaat terug tot de tweede helft van de negentiende eeuw. Als je nog verder teruggaat is het Duits, rond 1870 kwamen ze naar Nederlands-Indië. In 1951 is mijn familie definitief naar Nederland gekomen, met de Sibajak.

Heb je je grootouders nog gekend? Waar kwamen ze vandaan?
Ja, ik heb al mijn grootouders nog gekend en zelfs nog één overgrootouder. Van mijn opa’s kant is de familie voornamelijk West- en Midden-Javaans; van mijn oma’s kant Sumatraans (Atjeh). Zowel mijn grootouders als mijn ouders leven niet meer, dus ik kan helaas niets meer vragen.

5,- Euro Donation
+ Get a photoshoot and Interview
+ facebook acces to the closed group of participants.

Support IndoWorld PhotoProject

€9,817 van €13,800 opgehaald
 
Betaalmethode selecteren
Persoonlijke info

Factuurgegevens

Dedicate this Donation

Honoree Details

Notification Details

Bepalingen

Totaalbedrag: €5.00 One Time

Hebben je grootouders verteld over Nederlands-Indië?
Alleen de leuke dingen. Zoals in nagenoeg alle Indische families is er natuurlijk ook een minder leuke periode geweest: ‘Het Grote Zwijgen’. Over die jaren werd nooit veel verteld. Ik durfde als kind daar ook niet veel naar te vragen, maar wist natuurlijk wel dat mijn grootouders van beide kanten in kampen hebben gezeten, en dat dat uiteraard verschrikkelijk was. Maar daar vroeg je niet naar. Je wist gewoon dat je daar een ontwijkend antwoord op kreeg, daar werd vaak wat stuurs op gereageerd, je werd meteen afgekapt. Maar als je vroeg naar de ‘fijne’ tijd, dus de vooroorlogse jaren, hoe hun leven daar was, daar konden ze altijd uitgebreid over vertellen. Er werden dan vaak foto’s bijgehaald; opvallend genoeg hadden ze nog veel fotomateriaal uit die jaren. Ze lieten dan bijvoorbeeld hun huis zien, of foto’s die in de tuin waren gemaakt. Zo was er ook een ‘stoer’ verhaal dat ik me nog goed kan herinneren. Mijn moeder lag, als zuigeling, in een wiegje in de tuin. Er kwam toen een soort komodovaraan de tuin in. Mijn opa zag dat dat beest in mijn moeders wiegje kroop om haar op te eten. Hij trok meteen zijn revolver en schoot het met één schot door zijn kop. Dat soort schitterende verhalen krijg je wel mee. Ook verhalen over het personeel, die werden bij naam genoemd en waren deel van de familie. De fijne dingen van hun Indische tijd werden gedeeld. Alles wat de oorlog betrof, en de periode erna, zoals de politionele acties, daar werd met geen woord over gesproken. Dat hebben ze tot aan hun dood nooit gedaan. Ik ben daar zelf een beetje dubbel in. Ik heb recentelijk in hun nalatenschap het dagboek van mijn opa gevonden, waarin alles tot in detail beschreven stond over die jaren. Dat is heel confronterend en gruwelijk geweest. Ik ben er zelf nog niet aan toegekomen om dat allemaal door te lezen, alleen enkele paragrafen. Ik ben heel blij dat het bewaard is gebleven. Tegelijk vind ik het heel jammer dat mijn grootouders er nooit over hebben willen praten. Ik denk ook niet dat mijn grootouders ooit gedacht hadden dat deze dagboeken in mijn handen terecht zouden komen. Ze zouden ze anders wel vernietigd hebben. De jongere generatie wilden ze er nooit mee lastigvallen. Ze hebben ze dan ook niet geschreven voor ons, maar voor zichzelf, in de hoop dat ze nooit teruggevonden zouden worden.

Wat ga je met die dagboeken doen?
Geen flauw idee. Ik heb ze in de nalatenschap van mijn moeder gevonden. Dat was al een schok. Ons is namelijk altijd verteld dat ze waren vernietigd, omdat de inhoud te gruwelijk zou zijn. Ik heb enkele paragrafen gelezen, maar daarna heb ik ze weggelegd. Wat ik er later mee ga doen weet ik nog niet, of ik ze wel zelf wil houden. Wellicht dat ik, nadat ik ze gelezen heb, in overleg met bijvoorbeeld een stichting of museum de dagboeken doneer. Het ‘mooie’ aan deze dagboeken is, dat alles tot in detail beschreven staat wat er is gebeurd met mijn opa. Van dag tot dag, over de betrokkenen zowel van Indonesische als Japanse kant, tot aan de details van de martelingen en de gebeurtenissen waarbij mijn opa betrokken is geweest. Het is dus een minutieus ooggetuigenverslag.

Ben je op Indische wijze opgevoed?
Ja, Indische gebruiken, tradities. Helaas niet met de taal. Ik ken uiteraard wel enkele woorden en uitdrukkingen. Maar bij mijn grootouders werd thuis onderling alleen Maleis gesproken als mijn ouders bepaalde dingen niet mochten horen. Mijn ouders spraken ook geen Maleis. Maar het zit hem in de kleine dingetjes, in de gebruiken, waarin wij heel duidelijk afweken van wat gebruikelijk is in Nederland. Ik ben geboren en getogen in Nederland, maar met een exotisch randje.

Ben je al eens naar Indonesië geweest?
Ja, al een paar keer. Altijd met vakantie, nooit echt met het idee om de plekken te bezoeken waar mijn familie vandaan komt. Wel weet ik dat het geboortehuis van mijn moeder nog bestaat, dat heeft ze zelf nog enkele jaren geleden opgezocht. Ook ben ik in de geboortestreek van mijn moeder geweest. Maar zelf heb ik vooral als vakantieganger verschillende eilanden bezocht. De komende jaren ga ik daar zeker nog vaker naartoe. Ik heb nooit onderzoek gedaan naar mijn roots; ik weet ook niet of ik dat ooit zal gaan doen. Misschien wel om bijvoorbeeld eens naar het geboortehuis van mijn moeder te gaan. Ik heb wat tekeningen en plattegrondjes, en ook foto’s van het huis. Helaas is de aanleiding voor de eerstkomende reis wat minder prettig. Over een jaar of drie gaan we de as van mijn moeder verstrooien. Dat wordt dus een beladen reis. We brengen mijn moeder dan weer naar haar ‘thuis’.

35,- Euro Donation
+ Get a photshoot and Interview
+ The book
+ facebook access to the closed group of participants.

Support IndoWorld PhotoProject

€9,817 van €13,800 opgehaald
 
Betaalmethode selecteren
Persoonlijke info

Factuurgegevens

Dedicate this Donation

Honoree Details

Notification Details

Bepalingen

Totaalbedrag: €5.00 One Time

Hoe heb jij jouw identiteit ervaren op school vroeger?
Op de basisschool zaten vroeger enkele andere Indische kinderen. Op zich was dat ook weer niet zo gek, want ik ben opgegroeid in een stukje Rotterdam waar sinds de jaren ‘50 veel Indo’s woonden. In zo’n kleine gemeenschap heb je dan al snel relatief veel Indische kinderen rondlopen. Op mijn middelbare school en in mijn studententijd kwam ik ook wel Indo’s tegen, evenals in mijn werk. Ik voel me niet snel meer Indisch; ik ben eerder Rotterdammer. Het zit hem in andere dingen, als samen Indisch eten, bij elkaar komen, Indische woorden en gebruiken… dingen die je bij elkaar herkent, omdat je die ook thuis hebt. Maar we voelden ons niet anders dan andere klasgenoten.

Heb je misschien iets tastbaars meegenomen dat jou verbindt met jouw Indische achtergrond?
Ik heb een familiefoto meegenomen van mijn betovergrootmoeder met haar kinderen. Een van die kinderen is mijn overgrootmoeder. Deze foto is gemaakt in Salatiga, Java, in 1903. Dat weet ik omdat op de achterkant alles netjes staat vermeld. Ik heb deze foto meegenomen omdat het een van de oudere foto’s is die ik van de familie nog heb. Het is ook een van de eerste foto’s van een gezin dat geheel Indisch is. We zijn natuurlijk van gemengd bloed, maar iedereen die op deze foto’s staat is in Indië geboren en opgegroeid. Ik vond dit een mooie foto om mee te nemen. Mijn betovergrootvader staat er zelf helaas niet op. Op de achterkant staan alle details, zoals namen en geboorte- en sterfdata van de mensen die erop staan afgebeeld. Wat ik ook erg treffend vond was de laatste, mijn oudoom, die in 1943 is gesneuveld op de Javazee. Dat brengt de oorlog ook weer een stuk dichterbij. Deze foto raakt me heel erg. ‘Helaas’ heb ik thuis nog duizenden foto’s liggen die ik nog allemaal moet uitzoeken. Het is in ieder geval een van de eerste ‘Indische’ foto’s van onze familie. De oudere foto’s laten ook familieleden zien die niet in Indië waren geboren.

Verdwijnt de Indische cultuur of is hij springlevend?
Enerzijds verdwijnt de Indische cultuur zoals deze was. Met elke nieuwe generatie verandert het uiterlijk natuurlijk. Culturele uitingen en identiteit, zoals het niet kunnen spreken van de taal. Ikzelf spreek bijvoorbeeld geen Maleis, ik spreek een beetje Pasar-Maleis en dat is ook wat ik pas later heb meegekregen. Bepaalde gebruiken die je wel kent, maar waarvan je je afvraagt waarom je dit eigenlijk zo doet omdat je de achtergrond ervan niet kent. Anderzijds neemt de interesse in de achtergrond wel toe. Veel Indische jongeren, maar ook andere jongeren met een niet-Nederlandse achtergrond, die meer willen weten over hun eigen culturele achtergrond. We zijn weliswaar een multiculturele samenleving in Nederland, maar je wilt wel weten waar je nu eigenlijk zelf vandaan komt. Die interesse wordt volgens mij bij de jongere generaties steeds sterker. Je familiegeschiedenis bepaalt je eigen culturele identiteit. Ik denk dat dit vooral belangrijk is voor de jongeren die in Nederland geboren zijn.

Hoe eet jij je rijst?
Met een lepel!

Heb je nog een lievelingsgerecht of -snack?
Voor saté kambing mag je me wakker maken. Kelepon, nasi koening, tempeh in welke vorm dan ook. Tempeh, daar ben ik echt gek op!

Dit interview is onderdeel van het Twijfelindo Project en Boek 2015/2016. Het boek is vorig jaar uitverkocht en de 2de druk zijn er nog een paar beschikbaar. Bestel het laatste exemplaar van de gelimiteerde oplage hier of doe een donatie aan het huidige Crowdfunding project .

Wil je zelf ook meedoen in 2019? Klik hier

70,- Euro (325,- euro value) Donation as a participant
+ The Book
+ One picture of your choosing plus the picture I choose for the book.
+ Instagram size
+ High resolution.
+ 3 extra choices which pictures you want
+ facebook access to the closed group of participants.
+ A3 size print of your picture.

Support IndoWorld PhotoProject

€9,817 van €13,800 opgehaald
 
Betaalmethode selecteren
Persoonlijke info

Factuurgegevens

Dedicate this Donation

Honoree Details

Notification Details

Bepalingen

Totaalbedrag: €5.00 One Time

By |2018-12-21T01:32:05+01:00december 20th, 2018|Blog|0 Comments

About the Author:

Wilhelmina Beckman-Lapre een Indische vrouw, want haar overgroot oma was een inheemse geboren in voormalig Nederlands-Indië getrouwd met erkende Indo Joram Ello. Zij kregen 5 kinderen waaronder mijn vader Frederick Willem Ello (Yogdjakarta) een opgeleide timmerman die verliefd is geworden op een Indonesische vrouw van het eiland van oorsprong van mijn opa. (West-Timor,Rote). Op 28 jarige leeftijd is hij pas naar Nederland gekomen in '72 en later mijn moeder. Mijn Indische familiegeschiedenis is een moeilijk te achterhalen verhaal, maar met familieverhalen van andere Indo's blijf ik mijn roots ontdekken.

Leave A Comment